EMOTIONELE INCONTINENTIE

Hoe de dictatuur van emoties onze volwassenheid en keuzevrijheid beperkt

Roos Vonk*

Vroeger keek ik geregeld naar de Jerry Springer-show. Ik vond het fascinerend en grappig hoe die mensen zich kwaad zaten te maken op elkaar en hun emoties niet in bedwang hadden. Inmiddels is dat saai geworden: je ziet emoties overal, en vooral op tv. Ooit werd het uiten van emoties gezien als onvolwassen en primitief. Volwassenheid en beschaving betetekende: jezelf beheersen en je verstand volgen. Vandaag de dag kijken we daar heel anders tegenaan. “Je moet je gevoel volgen” en “Je moet het uiten”, zeggen we. Dat heeft misschien iets te maken met onze enorme hang naar authenticiteit. We hebben de indruk dat iemand ‘echt’ is als ie z’n emoties toont. Emoties zijn een directe, ongecensureerde uiting van wat daarbinnen gebeurt. Misschien is het ook daardoor dat politici steeds vaker hun toevlucht nemen tot grof taalgebruik. Dat is een uiting van emotie en komt dus authentiek over.

Maar dat lijkt me een groot misverstand. De kunst van het authentiek overkomen is inmiddels tot in de perfectie doorgevoerd – en als ‘kunst’ is het, per definitie, niet authentiek. Denk nog maar aan Bill Clinton’s “I did not have sex with that woman”, waarbij ‘that woman’ zijn minachting voor haar aantijgingen uitdrukte, en hij welbestudeerd zijn onderkaak iets vooruit stak om een grote woede zogenaamd subtiel door te laten lekken. Of denk aan onze eigen Geert Wilders, die het woord ‘kopvoddentax’ lanceerde na een kleine hapering alsof ie het ter plekke bedacht, en het “doe eens normaal man”-spel met Mark Rutte dat bijna uitdraaide op een wedstrijdje ‘wie doet het meest spontaan’.

Steeds meer mensen uiten zich fris-van-de-lever en ruw-van-de-tongriem, in het gewone leven en in reality-shows op TV. We leven in een soort constante Jerry Springer-show. Die emotionele onzindelijkheid leidt ertoe dat mensen steeds minder oefenen in een belangrijke vorm van emotionele intelligentie: zelfbeheersing en impulscontrole. Ja, je zou het haast vergeten, maar het is NIET emotioneel intelligent om alles maar pardoes eruit te knallen. Het is infantiel, het is voor de medemens hinderlijk, en uiteindelijk ook voor jezelf. Want het líjkt heel vrij – wie houdt me tegen, ik heb recht op mijn gevoel! – maar op den duur beperkt het je eigen keuzevrijheid. Hét kenmerk van emoties is dat ze leiden tot blikvernauwing. Als je jezelf niet oefent in beheersing – eerst tot 10 tellen of desnoods tot 1000 – ontneem je jezelf de kans te leren uitzoomen en zaken van meer kanten te bekijken.

De weerstand dat ‘jezelf inhouden’ leidt tot zielloze rationaliteit is volstrekt onterecht. Juist vanuit het hart – je waarden, idealen, dat waar je in gelooft – heb je die ruimere blik nodig, waarin ruimte is voor de belangen van anderen en voor je eigen belangen op langere termijn. Als je in de emotie schiet mis je die ruimte; dan is er alleen de dwingendheid van het kleine kind, de korte-termijn-visie van de primitieveling. Gooi de volgende keer nu eens niet je emoties ‘eruit’, maar hou ze bij je en verdraag ze. Ja, dat is hard werk. Maar moet je eens opletten hoe je daarmee bij de ware, ‘authentieke’ kern komt.

 

* Meer over emotionele volwassenheid en zelfregulatie vind je in Je bent wat je doet (Maven, 2014).